Toespraak 10 april 2005 door KŠroly Szekeres, beeldhouwer

Maart 2003 kreeg ik een brief waaruit ik het volgende samenvat:


Op donderdag 28 november 2002 is een 16 jarige jongen verongelukt op de Europalaan in Nuenen. Het ongeval heeft op veel mensen een zeer diepe indruk gemaakt. Op de plaats van het ongeval is spontaan een herdenkingsplek gecreŽerd door vrienden en medeleerlingen van school. Er worden regelmatig verse bloemen gelegd en er wordt even stilgehouden bij deze herdenkingsplek. Naar aanleiding van dit ongeval is er een stichting opgericht: Stichting Monument Jonge Verkeersslachtoffers. De stichting wil namens de gemeenschap een kunstwerk schenken aan slachtoffers, nabestaanden en vrienden van alle jonge mensen die getroffen zijn door een verkeersongeval, om hen te laten zien dat wij hen niet vergeten en even stilstaan bij hun verdriet.

Het doel van de stichting is het oprichten van een monument dat voorziet in: - een plek ter herdenking en troost voor alle ouders, vrienden en familie van verkeersslachtoffers in het algemeen. - een plek voor bezinning voor alle ouders van kinderen die dagelijks aan het verkeer deelnemen. - een waarschuwing aan alle verkeersdeelnemers over de mogelijke consequenties van hun gedrag in het verkeer en hun verantwoordelijkheid hierbij.

Het monument moet uiting geven aan de grote schrik van de gemeenschap als een kind een ernstig ongeluk krijgt. Het moet steun geven aan de ouders, familie en vrienden van de slachtoffers, en tevens een waarschuwing zijn voor alle verkeersdeelnemers. Maar het moet ook symbool zijn voor de hoop en levenslust van de jeugd; de vriendschap, toekomstdromen, de dynamiek en vrolijkheid. Het monument moet eenvoudig toegankelijk zijn, niet te abstract. Voorzover een gedeelte uit deze brief samengevat.

In reactie hierop dankte ik de stichting voor de eervolle uitnodiging en ben toen gaan nadenken hoe aan deze wensen uiting te geven. Een monument ter herdenking, troost biedend en waarschuwing gevend en tegelijk dienend als een plezierige verblijfplaats voor passanten, niet treurig maar ingetogen en uitnodigend voor de jeugd. De locatie aan de Europalaan is een belangrijk onderdeel van het monument. Het is een ruim bemeten schuin aflopend grastalud ingeklemd tussen een drukke verkeersweg en een rustig water met hoge bomen en struiken. Door dit gegeven en na oriŽnterende gesprekken met de stichting ben ik tot het volgende ontwerp gekomen. Door halverwege dit aflopende talud een muur te plaatsen aan de straatzijde ťťn meter hoog verkrijg je aan de waterkant een muur van 1,60 meter hoog en tevens beschutting voor mensen die er plaats kunnen nemen op ťťn van de bankjes. In de luwte van deze plek uit het zicht van het voorbij razende verkeer krijgt de bezoeker enige privacy en de kans op rust en bezinning. De 1,60 meter hoge muur biedt daarnaast ruimte voor het aanbrengen van teksten of gedichten. Op de muur zitten drie jonge mensen. Drie sculpturen in brons, naturalistisch, naakt en levensgroot. Een ervan maakt een verslagen, verloren en in zichzelf gekeerde indruk. Hij is het slachtoffer, in ons geval van het verkeer, maar er is ruimte voor een ander invulling. Iedereen kan zich wel iemand voorstellen die in een dergelijk situatie van verslagenheid is terechtgekomen. De andere figuren, een jonge en een meisje, zoeken troost bij elkaar. Ze hebben de armen om elkaar heen geslagen. Het meisje zoekt contact met het slachtoffer, ze strekt haar arm uit in een poging hem aan te raken, te troosten, te helpen. De jongen houdt haar vast, troost haar, maar wil tegelijkertijd zeggen dat ze er zich bij neer moet leggen en hij vraagt zich af hoe het nu verder moet. Hij is bezorgd over zijn vriend en zijn vriendin. Hij staart naar de horizon, omdat daar het antwoord ligt. In de toekomst.

Een deel van de muur is onbezet. Er kunnen mensen op plaats nemen, even zitten. Zij vullen zo de groep aan en symboliseren dat het leven doorgaat. De speciale inbreng van de jonge doelgroep is bij dit project kenmerkend en vrij uniek te noemen. Door het voeren van meerdere gesprekken met deze jongeren vond er een soort wisselwerking van ideeŽn plaats.Ook hebben zij bijdragen geleverd voor de teksten op de muur en enkele hebben zelfs in mijn atelier model gezeten.

Langzaam aan wordt ook de naam voor de beeldengroep bepaald. Wat wordt het? Tegenslag, Troost, Toekomst? Tranen, Troost, Toekomst? Aan de straatzijde van de muur komt in iedergeval .PLOTSELING DICHTBIJ...Voor de gedichten aan de waterzijde zijn al veel inzendingen. Dat wordt nog een moeilijke klus. Er waren ook mensen die opmerkten: Worden de kinderen naakt uitgebeeld? Is dat natuurlijk? Iemand zij dat het wel erg onnatuurlijk is, dat jongeren op een muur, naakt in elkaars armen elkaar proberen te troosten. Naakt zijn, bloot stellen, kwetsbaar, ontdaan van alle opsmuk.

Welk hout gebruiken we voor de banken? Tropisch hardhout? Of een volwaardig alternatief hiervoor? Stagiaire Vera stelt voor de Robinia pseudoacacia te gebruiken. Zij heeft de banken ontworpen. Ook wordt inmiddels een definitieve keuze gemaakt voor de kleur van het graniet waarmee de muur bekleed wordt. Het werk aan de beelden vordert gestaag. Het afgieten van het dubbelbeeld .Troost en Toekomst. is voor bronsgieter Hans Stijlaart uit Waardenburg een lastige klus die hij uiteindelijk weet te klaren. Steenhouwer Adrie Tempelaars heeft voortreffelijk werk geleverd met het vele graveerwerk in het keiharde graniet. Tenslotte wil ik Jaap Alfrink, het stichtingsbestuur en verder iedereen heel erg bedanken voor de bezielende wijze waarop samengewerkt is bij de totstandkoming van dit monument.